Leven na kinderkanker
Alles over het leven na kinderkanker: van mogelijke late effecten en nazorg tot kwaliteit van leven en toekomst
Jaarlijks krijgen zo'n 600 kinderen in Nederland kanker. Gelukkig overleven steeds meer kinderen. Zij krijgen tijdens een feestelijk moment de bloemenkraal. Maar helaas kan de ziekte en intensieve behandeltijd ook sporen nalaten, zowel lichamelijk als mentaal. Op deze pagina lees je hier meer over.


Late effecten na kinderkanker
Kinderen met kanker krijgen intensieve behandelingen, zoals chemotherapie, bestraling of een operatie. Hierdoor is de overleving sterk toegenomen sinds de jaren 70. Inmiddels weten we dat er een keerzijde aan dit succes zit. Deze behandelingen kunnen namelijk later in het leven helaas lichamelijke gevolgen geven. Voorbeelden hiervan zijn problemen met het hart, vruchtbaarheid of vermoeidheid. Ook kan een kind opnieuw kanker krijgen.
Deze late effecten zijn soms zeer ernstig, maar vaak niet. Een deel van de late gevolgen zijn meteen duidelijk na de behandeling, maar veel late gevolgen treden pas (jaren) later op. Dit hangt af van het soort kinderkanker, de leeftijd waarop het kind behandeld is en welke behandeling is gegeven. Ook zijn er verschillen tussen personen. Niet iedereen krijgt te maken met late gevolgen. Wat bij de één tot klachten leidt, veroorzaakt bij een ander geen problemen. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 45% van de survivors daadwerkelijk last heeft van minimaal één laat effect of een laat effect heeft dat behandeld moet worden.
Survivors van kinderkanker kunnen ook mentale problemen krijgen. Daardoor kunnen ze zich bijvoorbeeld anders voelen, denken ze anders over de zin van het leven en kijken ze met andere ogen naar de toekomst. Verder komen leerproblemen regelmatig voor. Dit kan invloed hebben op hun schoolprestaties, hoe ze omgaan met anderen en op hun toekomst. Ook gezinsleden kunnen veranderingen ervaren. Ze realiseren zich later pas goed wat hen allemaal is overkomen.
Levenslang aandacht nodig
In Nederland hebben momenteel ongeveer 14.000 mensen als kind kanker gehad. Op een LATER-poli worden zij vanaf vijf jaar na hun kankerdiagnose gevolgd. Jaarlijks komen er zo'n 450 nieuwe patiënten bij op de LATER-poli van het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie.
Op de LATER-poli krijgen survivors uitleg en advies over eventuele problemen en klachten. Artsen proberen mogelijke problemen vroegtijdig op te sporen en, indien nodig, te behandelen. Daarnaast is er aandacht voor een gezonde leefstijl en een goede kwaliteit van leven.
Kwaliteit van leven betekent hoe het met je gaat, zowel lichamelijk, sociaal als emotioneel. Hierbij gaat het dus niet alléén om lichamelijke gezondheid, maar ook over of je gelukkig bent en verbinding voelt met anderen.
Waarom onderzoek naar kinderkanker onmisbaar is?
Onderzoek is belangrijk, niet alleen om 100% genezing van kinderkanker te bereiken, maar ook om hun leven ná kanker beter te maken. Dankzij wetenschappelijk onderzoek begrijpen artsen en onderzoekers steeds beter welke klachten kunnen ontstaan tijdens en na de behandeling en wat hieraan gedaan kan worden.
Het onderzoek geeft inzicht in wie kans loopt op welke late effecten en wie niet. Dit is belangrijk voor de zorg van nieuwe kinderen met kanker, maar ook voor de zorg van survivors op de LATER-poli. Daarnaast ontwikkelen onderzoekers nieuwe testen om late effecten in een vroeg stadium op te sporen. Ook is het belangrijk om te kijken welke therapieën mensen na kinderkanker kunnen krijgen om verergering van late effecten te voorkomen. Alle kennis uit onderzoek wordt gebruikt om de zorg voor kinderen met kanker en survivors van kinderkanker te verbeteren. Deze kennis wordt verwerkt in de richtlijnen voor de zorg.
Zo vinden onderzoekers manieren om late effecten in de toekomst bij anderen te verminderen of zelfs te voorkomen.

Wat doet KiKa?
Onderzoekers in Nederland en daarbuiten onderzoeken met steun van KiKa de gevolgen van kinderkanker. Zo heeft KiKa een belangrijke bijdrage geleverd aan twee grote onderzoeken naar late effecten (DCCSS-LATER). Aan deze onderzoeken deden meer dan 6000 survivors van kinderkanker mee. Dit vormde mede de basis van wat onderzoekers en artsen nu weten over de kans op late effecten en welke risicofactoren daarbij een rol spelen.
Een aantal voorbeelden van lopende KiKa onderzoeken:






