Nieuwe methode om gevaarlijke schimmelinfecties te vinden
Beter opsporen bij kinderen met kanker
Kinderen met kanker zijn vaak erg ziek door de behandeling. Hierdoor kan hun lichaam zich minder goed verdedigen tegen gevaarlijke schimmelinfecties. Artsen kunnen deze infecties niet altijd goed opsporen. Onderzoekers van het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie en het UMC Utrecht ontwikkelen daarom een nieuwe techniek om dat te verbeteren. In dit onderzoek testen ze deze techniek bij kinderen met kanker.


Schimmelinfecties
Kinderen met kanker worden vaak erg ziek van de behandeling. Hierdoor kan hun lichaam zich minder goed verdedigen tegen gevaarlijke schimmels, die zo ernstig kunnen zijn dat een kind eraan kan sterven.
De meeste schimmelinfecties zitten in de longen. Artsen vinden ze met een longscan en een bronchoscopie. Bij een bronchoscopie kijkt de arts met een dun, soepel slangetje via de mond of neus door de luchtpijp naar de longen. De arts spoelt een beetje vloeistof in de longen en zuigt het weer op. Dit materiaal gaat naar laboratorium voor onderzoek.
De bronchoscopie is ingrijpend. Kinderen krijgen vaak narcose. Toch sporen een longscan en een bronchoscopie een schimmelinfectie niet altijd goed op. Daardoor blijft soms onduidelijk of er een schimmel zit. Vaak krijgen kinderen dan toch een behandeling met antischimmelmedicijnen. Langdurig gebruik hiervan kan schadelijk zijn voor sommige organen, zoals de lever.
Over het onderzoek
Onderzoekers van het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie en het UMC Utrecht ontwikkelden een nieuwe manier om schimmelinfecties op te sporen. Hierbij zoeken ze naar stukjes erfelijk materiaal (DNA) van een schimmel in bloed of vloeistof uit de longen.
De onderzoekers gaan nu testen hoe goed deze nieuwe methode werkt bij kinderen met kanker. Ze hopen dat ze zo schimmelinfecties beter kunnen vinden, de behandeling sneller kan starten en dat minder kinderen overlijden aan een schimmelinfectie.
Centrum: Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie en UMC Utrecht
Startjaar: 2025
Looptijd: 1,5 jaar
Totale kosten/bijdrage KiKa: € 359.176,00
Onderzoeksnummer: 533
Projectleider(s): Wim Tissing en Jeroen de Ridder
Status: Lopend
Projectsoort: KiKa project





