Innoverende rol van [18F]FDG-PET/CT in de behandeling van het rhabdomyosarcoom
Rhabdomyosarcoom is de meest voorkomende wekedelentumor bij kinderen. Onderzoekers testen of een PET/CT-scan die veel patiënten al krijgen, kan laten zien of chemotherapie zal werken. Zo kunnen artsen in de toekomst sneller de juiste behandeling kiezen voor ieder kind.


Wekedelentumoren bij kinderen
Rhabdomyosarcoom is de meest voorkomende wekedelentumor bij kinderen. Beeldvorming speelt een belangrijke rol bij het vaststellen van de ziekte en het volgen van de behandeling. De huidige manier om heteffect van chemotherapie te beoordelen – kijken of de tumor kleiner wordt op scans – voorspelt echter onvoldoende hoe kinderen het op de lange termijn zullen doen. Daardoor duren klinische studies lang, omdat pas na jaren duidelijk wordt of een nieuwe behandeling beter is.
Over het onderzoek
In dit project onderzoeken we of een scan die veel patiënten met rhabdomyosarcoom al krijgen, de [ 18F]FDG PET/CT, veel eerder kan laten zien of een behandeling aanslaat. Bij deze scan krijgt de patiënt een kleine hoeveelheid radioactief gemerkte suiker toegediend. Tumorcellen gebruiken extra energie en nemen daarom meer suiker op. Als de chemotherapie goed werkt en tumorcellen afsterven, neemt de opname van deze suiker op de PET-scan meestal af.
We onderzoeken of PET/CT-scans bij diagnose en na drie kuren chemotherapie beter kunnen voorspellen welke kinderen goed op de behandeling reageren en een grotere kans op genezing hebben, en welke kinderen juist extra of andere therapie nodig hebben. Daarbij combineren we de beoordeling door ervaren artsen met geavanceerde analysetechnieken op basis van kunstmatige intelligentie. Deze technieken maken het mogelijk om scans uit verschillende ziekenhuizen beter te vergelijken, tumoren automatisch en betrouwbaar in beeld te brengen en nieuwe voorspellers van behandeluitkomst te ontwikkelen. Dankzij gegevens uit een lopende studie beschikken we al over een groot aantal scans, waardoor we dit direct kunnen onderzoeken.
Als deze aanpak succesvol is, kunnen behandelingen in de toekomst sneller worden geëvalueerd, studies worden verkort en therapieën beter worden afgestemd op het individuele kind, intensiever waar nodig en minder belastend waar het kan. Dat kan leiden tot betere overleving en minder bijwerkingen voor kinderen.
Centrum: Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie, UMC Utrecht en Amsterdam UMC
Startjaar: 2026
Looptijd: 4 jaar
Bijdrage KiKa: € 599.574,00
Onderzoeksnummer: 589
Projectleider(s): Hans Merks, Nico van den Berg, Arthur Braat en Rick van Rijn
Status: Lopend
Projectsoort: KiKa project
Deze samenvatting schreven de onderzoekers zelf, in hun eigen woorden. We passen alleen spelfouten aan, de inhoud blijft ongewijzigd. Daardoor kan de tekst soms wat technisch zijn. Heb je een vraag? Mail naar research@kika.nl.





